Tel: 016 22 05 70
Vismarkt 16, 3000 Leuven
De blauwe schuit

Ontdek onze geschiedenis

Schepen op wielen die bij allerlei feestelijkheden over land werden voortgetrokken, zijn van alle tijden en alle culturen. Reeds in het Babylonië van 2600 voor Christus werd met Nieuwjaar een wagenschip door de straten getrokken.

Bij de Grieken en Romeinen gebeurde dit tijdens feesten ter ere van de wijngod Dionysus en bij de Germanen ter ere van de vruchtbaarheidsgodin Nertus.

Op deze schepen troonde meestal een slaaf die voor één dag als koning werd vereerd.

Eén van de verklaringen voor het woord carnaval is dat het zou afgeleid zijn van het Latijnse ‘carrus navalis’ ofte scheepswagen.

Feit is dat aan het eind van de Middeleeuwen het narrenschip in onze contreien zijn intrede deed als carnavalswagen: een scheepskar vol zotten die aan lager wal geraakte figuren voorstelden. Zij hadden allen een grote ondeugd of tekortkoming die nog uitzicht bood op herstel. Samen vormden zij een gilde die een goed heenkomen zocht op de Blauwe Schuit.

Alle rangen en standen waren welkom op voorwaarde dat ze zich even zondig en verkwistend bleven gedragen als ze al deden.

Verlopen adel, rijkeluiszoontjes, vraatzuchtige monniken, domme kooplieden, geile nonnen en gebuisde studenten: ze worden pas ontheven van hun lidmaatschap als ze hun wijsheid terugvinden, trouwen of rijk worden. Moordenaars, zeerovers, hoeren, brandstichters en hoogverraders worden uitgesloten.

In het kielzog van deze schepen ontstonden overal wilde feesten en braspartijen. Van dergelijke schuit-gildes voor fuifnummers werden sporen teruggevonden in Antwerpen, Breda, Nijmegen, Bergen op Zoom en Utrecht.

Zij ontpopten zich als heuse kabaretgezelschappen. Via grappen en grollen namen zij de maatschappelijke strukturen op de korrel en bespotten de mentaliteit en materiële bekommernis van hun tijdgenoten. Zij hekelden ook de kerkelijke overheid en maakten heilige huisjes met de grond gelijk.

Vandaar komt vermoedelijk de naam Blauwe Schuit. Het schip als middeleeuws zinnebeeld van kerkelijke instellingen en het blauw als sacrale kleur werden het dekor voor kluchten, allegoriën en parodieën. Op het karnavalsschilderij van Jeroen Bosch staat trouwens het fuifschip de Blauwe Scuut afgebeeld.

De naam ‘Blauwe Scuut’ duikt voor het eerst op in 1413 in een gedicht van de illustere Jacob van Oestvoren. Het is een ‘repertoirehandschrift’ bedoeld om voorgedragen te worden bij de vastenavondviering.

De Blauwe Scuut is een uitnodiging aan
“…Alle ghesellen van wilde manieren
Te comen in die Blauwe Scuut
Ende in der Blauwer Scuten ghilde
Sijn si onedel of van den scilde…”

Ook het huis waar u zich bevindt heeft een rijk verleden. Op deze plaats stond in de middeleeuwen een Augustijnenabdij. Rond de vorige eeuwwisseling werd het pand eigendom van de vermaarde wijnhandelaar Boon-Hecking.

Op 10 mei 1975 kreeg dit statig herenhuis de naam De Blauwe Schuit en werd er een gezellige kroeg geïnstalleerd.